Besparing hypotheek verschilt sterk per provincie

Uit onderzoek van Ikbenfrits is gebleken dat het gemiddelde bedrag dat Nederlanders jaarlijks kunnen besparen op hun hypotheeklasten sterk verschilt per provincie: van ruim €740 in Friesland tot dik €1.150 in Noord Holland. Ook het percentage hypotheekbezitters dat kan besparen blijkt verband te houden met de regio: terwijl in Utrecht maar liefst 44% van de hypotheekbezitters te veel woonlasten betaalt, kan in Limburg ‘slechts’ 33% van de hypotheekbezitters besparen.

 

Ruim een derde van hypotheekbezitters kan besparen

Het totale aantal hypotheekbezitters dat kan besparen ligt in Nederland schrikbarend hoog: maar liefst 39% van de hypotheken kan een stuk goedkoper door deze aan te passen of over te sluiten. Dat komt omdat de rentes op dit moment historisch laag staan, en veel hypotheekbezitters nog vastzitten aan de veel hogere percentages van jaren geleden.

Een hypotheek oversluiten naar een nieuwe bank geeft doorgaans de grootste besparing. Het voordeel van een veel lagere rente bij die nieuwe aanbieder weegt dan op tegen de boete die aan de huidige aanbieder betaald moet worden wegens contractbreuk. Omdat die boete doorgaans afschrikt, wordt de laatste tijd veel gepraat over rentemiddeling, waarbij je zonder boete en met een lagere rente bij je huidige aanbieder blijft, maar wel met een nieuwe rentevaste periode. Ikbenfrits heeft echter uitgerekend dat rentemiddeling onderaan de streep vaak veel duurder is dan overstappen naar een andere aanbieder: rentemiddeling is gemiddeld €27.451 duurder dan oversluiten. Dat komt doordat banken er allerlei trucjes op nahouden om de rente bij rentemiddeling toch wat op te krikken. Zo is er zelden tot nooit sprake van ‘zuivere rentemiddeling’, waarbij de nieuwe rente daadwerkelijk het midden houdt tussen de rente die tot dusver werd betaald en de rente die op dit moment door de bank wordt aangeboden.

Nederlander kan gemiddeld ruim €1.000 per jaar besparen op hypotheek

Met de gratis Doe 't zelf-check van Ikbenfrits kan elke hypotheekbezitter binnen een paar minuten uitvinden of oversluiten loont en zo ja, hoeveel er bespaard kan worden. Deze check werd inmiddels door meer dan 50.000 mensen ingevuld. Op basis van al die gegevens heeft Ikbenfrits een gemiddelde hypotheekbezitter bepaald. Deze ‘Frits Modaal’ woont in een huis met een waarde van €394.325, moet nog €266.684 aflossen, heeft een huidige rente van 4,89% en zit daar nog 5 jaar aan vast.

In Ikbenfrits’ onderzoek naar besparingspotentie per provincie werden 6.947 hypotheken meegenomen: alle hypotheken in de database van Ikbenfrits waarvan de provincie bekend is. 39% van deze hypotheekbezitters blijkt te veel te betalen én te kunnen besparen door over te sluiten naar een andere aanbieder. De gemiddelde besparingspotentie van al deze hypotheken is €10.058 over een nieuwe rentevaste periode van 10 jaar. Dat komt neer op een gemiddelde besparing van ruim €1000 per jaar.

Aantal onderzochte hypotheken 6.947
Waarvan bespaarders 2.709
Percentage bespaarders 39%
Gemiddelde besparing over 10 jaar €10.058
Gemiddelde besparing per jaar €1.005,80

 

Let wel: de bespaarders die worden genoemd hebben ook daadwerkelijk de mogelijkheid over te stappen naar een andere aanbieder. Mensen die theoretisch wel kunnen besparen op hun hypotheeklasten maar niet kunnen overstappen, bijvoorbeeld omdat ze te weinig inkomen hebben of omdat hun huis onder water staat, zijn in dit onderzoek als niet-bespaarders aangemerkt.

Besparingspotentie hypotheek verschilt per provincie

Uit onderzoek op basis van deze 6.947 hypotheken, waarbij ze werden verdeeld per regio, blijkt dus dat het bedrag dat je kunt besparen afhankelijk is van de provincie waarin je woont. Daarbij werd gekeken naar besparingspotentie bij oversluiten naar een hypotheek met de op dit moment laagste rente* en een nieuwe rentevaste periode van 10 jaar. Kosten die gepaard gaan met oversluiten, zoals boetes, advies, bemiddeling en notaris zijn meegenomen in de berekening, evenals belastingvoordeel. Het gaat dus echt om een nettobesparing.
*Deze rente kan per vergeleken hypotheek verschillen: Ikbenfrits neemt per hypotheekbezitter in de berekening alleen hypotheekproducten mee die op basis van persoonlijke gegevens, voorwaarden en voorkeuren daadwerkelijk in aanmerking komen.

Inwoners van Noord Holland laten het meeste geld liggen: Noord Hollanders die op hun hypotheek kunnen besparen, kunnen gemiddeld €11.540 goedkoper uit zijn bij een nieuwe rentevaste periode van 10 jaar. Per jaar is dat een netto besparing van €1.154. In Friesland ligt de besparingspotentie het laagst, maar ook daar kan nog substantiële winst behaald worden: gemiddeld €744 per jaar.

 

Wil je weten of jij ook kan besparen op je hypotheek? Doe dan de gratis Doe 't zelf-check!

 

Noord Hollanders kunnen rekenen op lage boetes, Friezen lossen niet graag af

Waar het verschil per provincie aan ligt was aanvankelijk onduidelijk. Daarom heeft Ikbenfrits nader onderzocht of er een verband kan worden gelegd met zaken als gemiddelde huizenprijs of gemiddelde hypotheeksom per provincie. Met alle data naast elkaar blijkt dat bijna in elke provincie een andere reden bestaat voor de besparingspotentie. Het verschil zit ‘m meestal in de hypotheeksom, resterende rentevaste periode en boete bij oversluiten.

Benieuwd waarom in jouw provincie relatief veel of juist weinig bespaard kan worden? Op volgorde van besparingspotentie, van hoog naar laag:

Het is geen verrassing dat in Noord Holland, thuisprovincie van Amsterdam met haar overspannen huizenmarkt, de hypotheken relatief hoog zijn. Daar is de laatste jaren nog een flinke waardevermeerdering bij gekomen. Omdat besparing voortkomt uit een lagere rente, liggen de bedragen die bespaard kunnen worden in deze provincie ook hoger. Ter illustratie: 2% minder rente op een hypotheek van een half miljoen levert een hogere absolute besparing op dan 2% minder rente op een hypotheek van twee ton. Noord Hollanders betalen gemiddeld met 4,49% de laagste rente, maar kunnen daardoor, ondanks het kleinste boetevrije deel (10%) van heel Nederland, ook op lage oversluitboetes rekenen.

Ook in Utrecht ligt de gemiddelde hypotheeksom relatief hoog, zodat er net als in Noord Holland op basis van rentevoordeel veel bespaard kan worden. Toch is hier gemiddeld minder besparing te halen, omdat de boetes voor oversluiten ook relatief hoog zijn. Die boete hangt samen met de resterende rentevaste periode: hoe langer nog te gaan, hoe hoger de boete. Utrechters hebben dus gemiddeld een nog lange rentevaste periode te gaan. Alles bij elkaar kent Utrecht de op één na grootste besparingspotentie van Nederland.

Zeeland kent juist lage huizenprijzen, waardoor Zeeuwen gemiddeld een redelijk lage hypotheeksom hebben en daardoor ook een lagere besparingspotentie. Meer dan de helft van de hypotheken is echter afgesloten bij een verstrekker met een hoog boetevrij deel (20%). De boetes voor oversluiten liggen daardoor lager. Dat betekent dat Zeeuwen, ondanks relatief laag rentevoordeel door de lage hypotheeksom, gemiddeld toch €1.034 per jaar kunnen besparen door over te sluiten.

Ook Gelderland kent lage huizenprijzen en daardoor hebben Gelderlanders vergeleken met de rest van Nederland gemiddeld ook lage hypotheken. Dat betekent dat zij minder kunnen besparen door oversluiten: besparing wordt immers bewerkstelligd door een lagere rente, en bij een kleine hypotheeksom valt er dan een lagere absolute besparing te behalen dan bij een hoge. Gemiddeld staan hier de hypotheekrentes met 6,2 jaar nog het langst vast ten opzichte van de rest van Nederland. Dat betekent een relatief hoge oversluitboete, maar wel een lange periode om een fikse besparing op te bouwen door rentevoordeel.

Flevoland is zwaar getroffen door de dalende woningmarkt van de afgelopen jaren. Toch is in deze provincie veel winst te behalen voor hypotheekbezitters: Flevolanders hebben hypotheken bij wat duurdere banken, waardoor de rentes die betaald worden relatief hoog zijn en de boetes juist relatief laag. De gemiddelde hypotheeksom ligt in Flevoland echter laag, waardoor het absolute gemiddelde besparingspotentieel gemiddeld is: op een lage hypotheeksom valt minder rentevoordeel te behalen dan op een hoge.

De meeste hypotheekbezitters in Zuid Holland zitten bij een hypotheekverstrekker die bij oversluiten maar een boetevrij deel van 10% rekent. Daarmee hebben Zuid Hollanders bij oversluiten, na buurprovincie Noord Holland, het kleinste boetevrije deel van alle Nederlanders. Ze betalen daardoor een hoge oversluitboete, die niet altijd opweegt tegen het rentevoordeel van overstappen naar een goedkopere aanbieder. Toch kan alsnog 37% van de hypotheekbezitters in deze provincie besparen: gemiddeld €950 per jaar.

Limburg kent relatief lage hypotheken, maar met gemiddeld lange resterende rentevaste periodes en dus hoge oversluitboetes. Bij contractbreuk moet de aan de bank beloofde rente immers gecompenseerd worden, en in Limburg wordt na Flevoland de hoogste rente betaald. Limburgers betalen daarom ten opzichte van de potentiële besparing op rente de hoogste boetes. Toch kan nog steeds 33% van de Limburgse hypotheekbezitters daadwerkelijk besparen door oversluiten. Dat scheelt ze gemiddeld €935 per jaar.

In Groningen loopt bij relatief veel hypotheekbezitters de rentevaste periode binnenkort af. De boete voor oversluiten is daarom gemiddeld redelijk laag. Want: hoe langer de resterende rentevaste periode, hoe hoger de boete bij oversluiten. Je hebt immers je hypotheekverstrekker voor een bepaalde tijd rente-inkomsten beloofd, dus je zal die gemiste inkomsten moeten compenseren. Bij een relatief korte resterende tijd, ligt die boete dus ook relatief laag. De besparing op rentevoordeel weegt daarom voor veel Groningers op tegen die boete: met een nieuwe rentevaste periode van tien jaar is de gemiddelde Groningse hypotheekbezitter bij oversluiten netto alsnog €9.218 goedkoper uit.

De besparingspotentie in Noord Brabant zit onderaan de middenmoot. Brabanders houden niet van aflossen: gemiddeld is 88% van het hypotheekbedrag aflossingsvrij. Hypotheekbezitters in Noord Brabant betalen relatief al lage rentes, waardoor besparingen beperkt zijn. Toch loont overstappen voor 39% van de hypotheekbezitters. Dat levert ze een gemiddelde besparing van €906 per jaar op.

In Overijssel liggen de huizenprijzen en dus de hypotheeksommen laag, waardoor de besparing op rentevoordeel relatief laag is. Een lagere rente heeft immers een groter absoluut effect op een hoge hypotheeksom dan op een lage. Toch geldt voor Overijsselaren met een hypotheek: omdat meer dan de helft van de hypotheken is afgesloten bij een verstrekker met een hoog boetevrij deel (20%), zijn de boetes bij oversluiten relatief laag en kan het rentevoordeel toch tegen deze boete opwegen.

Hypotheekbezitters in Drenthe hebben gemiddeld gezien al de beste deal. In Drenthe is de resterende rentevaste periode gemiddeld kort, waardoor de boetes voor oversluiten laag liggen. Daarentegen is het verschil tussen de hypotheekrentes die nu betaald worden en de huidige rentes van de op dit moment goedkoopste marktpartijen erg laag.

De hekkensluiter is Friesland: hier valt gemiddeld de minste besparing te halen. In Friesland staan over het algemeen de rentes relatief lang nog vast. De boetes voor oversluiten liggen daarom voor de meeste Friezen hoog. Wel hebben veel Friezen hun hypotheek afgesloten bij een verstrekker met een hoog boetevrij deel (20%), waardoor voor hen de boetes lager liggen. Dat alles in acht genomen kan de Frieze hypotheekbezitter gemiddeld over de komende tien jaar alsnog €7.443 besparen door over te sluiten. Friezen lossen trouwens niet graag af: ze hebben met 89% het grootste aflossingsvrije aandeel van heel Nederland.

Check direct of jij ook kunt besparen

Frits_Illustrations-03Hoewel de besparingspotentie dus per provincie verschilt, loont het voor alle huizenbezitters hun hypotheek eens onder de loep te nemen. Meer dan de helft van alle hypotheekbezitters kan aanzienlijk besparen: ruim €1.000 per jaar. Heb jij de gratis Doe 't zelf-check al gedaan? Die maakt snel inzichtelijk of jij ook kunt besparen op je grootste maandlast.

Sarah Famke Oortgijsen

Sarah Famke Oortgijsen

Sarah Famke, in de volksmond beter bekend als Saar, studeerde af als filmwetenschapper maar houdt zich tegenwoordig vooral bezig met het geschreven woord. Bij Frits zorgt ze er onder andere voor dat de teksten op de website foutloos en zo helder mogelijk zijn. Om dat zo goed mogelijk te kunnen doen en om mee te kunnen praten bij de lunch haalde ze ook haar Wft-examens.